De Leerplichtwet
In de Leerplichtwet zijn de leerplicht en de kwalificatieplicht geregeld. De wet is bedoeld om het recht op onderwijs te garanderen voor alle kinderen en jongeren in Nederland. Onderwijs en een startkwalificatie (minimaal diploma havo, vwo of mbo niveau 2) vergroten de kansen op de arbeidsmarkt.

In de Leerplichtwet 1969 staan alle artikelen die te maken hebben met de leer- en kwalificatieplicht.

Leerplicht
Leerplicht geldt voor kinderen van 5 tot en met 16 jaar, vanaf de eerste dag van de maand nadat een kind 5 jaar wordt tot het einde van het schooljaar waarin het 16 jaar is geworden, of aan het einde van het twaalfde schooljaar. De basisschoolperiode telt mee voor acht jaar, ook als de leerling hier in werkelijkheid korter over gedaan heeft. Na de leerplicht gaat de kwalificatieplicht gelden.

De meeste kinderen gaan al naar school als ze 4 jaar zijn. Ze vallen dan nog niet onder de Leerplichtwet, maar voor hen gelden wel de regels die de school voert over aanwezigheid en het volgen van het onderwijs.

Ouders kunnen een beroep doen op vrijstelling van de leerplicht. Dit kan alleen in uitzonderingsgevallen. Bijvoorbeeld omdat een kind door lichamelijke of psychische oorzaken niet naar school kan gaan.

Kwalificatieplicht
Met de kwalificatieplicht wordt de leerplicht verlengd tot de dag dat de jongere een startkwalificatie heeft gehaald, of tot de dag dat de jongere 18 jaar wordt.

De kwalificatieplicht verplicht alle jongeren een volledig onderwijsprogramma te volgen. De kwalificatieplicht betekent niet altijd vijf dagen per week in de schoolbanken; het is ook mogelijk om met combinaties van leren en werken aan de kwalificatieplicht te voldoen, zoals de beroepsbegeleidende leerweg in het mbo.

De kwalificatieplicht geldt niet als de jongere een diploma of getuigschrift van de praktijkschool heeft of op een speciale school zit omdat hij zeer moeilijk leert of meervoudige gehandicapt is.

Verzuim en spijbelen
Scholen zijn verplicht leerlingen te melden bij de gemeente of het verzuimloket, indien een leerling meer dan 16 uur in een periode van 4 weken ongeoorloofd afwezig is..

Ouders en jongeren (vanaf 12 jaar) riskeren een proces-verbaal als kinderen niet naar school gaan en/of niet op een school staan ingeschreven. Jongeren kunnen ook een leerstraf, een taakstraf of de maatregel Hulp en Steun krijgen. Bij ‘luxeverzuim’ (extra vakantie onder schooltijd zonder toestemming) is de kans op een boete of een proces-verbaal extra groot.

Leerplichtambtenaar
De leerplichtambtenaar controleert of de leerplicht wordt nageleefd. Ook geeft hij voorlichting aan jongeren, ouders, scholen en ketenpartners over het belang van naar schoolgaan en de gevolgen van het overtreden van de Leerplichtwet.

Verzuimt een kind meer dan 16 uur in een periode van 4 weken, komt het regelmatig te laat, of staat het niet ingeschreven op een school, dan zoekt de leerplichtambtenaar uit wat hiervoor de reden is. Is er geen wettige reden voor het verzuim, dan kan hij een proces-verbaal opmaken of Bureau Jeugdzorg inschakelen.

Als een kind niet meer naar school wil omdat het een probleem heeft, dan zoekt de leerplichtambtenaar – in overleg met school en ouders – naar een oplossing. Ouders en school zijn en blijven echter primair verantwoordelijk voor het kind. Is er sprake van ongeoorloofd verzuim, dan zijn ouders en leerlingen vanaf 12 jaar verantwoordelijk.

Heeft u vragen over de leerplicht? Kijk dan ook eens naar de veelgestelde vragen. Staat uw vraag er niet tussen? Neem dan contact op met de leerplichtambtenaar van de gemeente waarin uw kind woont.